In Calama is niet zo veel te doen. Robin wil graag naar Chuquicamata, 's werelds grootstse kopermijn. Omdat we vrijdagavond aankomen, moeten we wachten tot deze maandag weer opengaat.
Na twee dagen eten, rondhobbelen, nog wat eten en eten, gaan we maandag naar de mijn. Helaas wordt er net deze dag door de mijnwerkers gestaakt en gaan de toers niet door (voor onbepaalde tijd).Moe van het wachten besluiten we de volgende ochtend verder te reizen. Helaas wordt Robin 's nachts ziek en gaan we die ochtend langs het ziekenhuis. Bij aankomst blijkt het medisch personeel te staken. |
 |
 |
Het onderzoek van de enige aanwezige arts wekt veel vertrouwen:
"Wat is er aan de hand?"
"Hij heeft vermoedelijk iets verkeerds gegeten en heeft de hele nacht diarree gehad.
"Is hij verder gezond?" - "Ja, behalve de diarree dan"
"Hij heeft verder geen ziekte?" - "Nee..."
"Maar hij is zo dun." - "Sinds ik hem ken, is hij zo."
"Ok. Ja, hij heeft een virus, waar je koorts en diarree van krijgt. Er is een flinke epidemie."
"Maar hij heeft geen koorts."
"O. Dan heeft hij iets verkeerds gegeten. Hier is een recept voor een infuus."
Door deze vertraging halen we geen enkele bus meer en zijn we gedoemd tot nog een dag in het levendige Calama. We vermaken ons maar met de kapper, en een bezoek aan de lokale jeugduitvoering van de musical Cats. Dat de entree voor de musical gratis was, had een aanwijzing kunnen zijn over de kwaliteit van de opvoering. |